Ontwerp gezamenlijke tuin de Omscholing

Ontwerp gezamenlijke tuin de Omscholing
Ontwerp Tuinatelier Herman & Vermeulen
Posts tonen met het label gratis. Alle posts tonen
Posts tonen met het label gratis. Alle posts tonen

dinsdag 18 maart 2014

Een tapijt van sneeuwklokjes

Sneeuwklokjes, Galanthus nivalis, zijn prachtig. Vooral als ze in overvloed in je tuin staan. Maar hoe krijg je nu zo'n tapijt van witte klokjes?



Het bolletje van het sneeuwklokje droogt snel uit en in tegenstelling tot andere bolgewassen kan het sneeuwklokje daar slecht tegen. Sneeuwklokjes kun je dan ook het beste 'in het groen' planten. Als de sneeuwklokjes in maart uitgebloeid raken is het een goed moment om een stevige pol uit te graven, te splitsen en opnieuw uit te planten.


Met een plantschepje of spade graaf je voorzichtig een pol sneeuwklokjes op. Je kunt zien dat de sneeuwklokjes in een stevige kluwen bij elkaar zitten. Trek heel voorzichtig met de hand ieder bolletje los, zonder de wortels te beschadigen. Je kunt dit klusje ook onder de kraan doen of in een emmer water. 


Het is verbazingwekkend hoeveel sneeuwklokjesbollen er in zo'n pol zitten!


Het mooiste is om de sneeuwklokjes in kleine groepjes terug te plaatsen, tussen de 5 en 10 cm diep. Je kunt, nu de tuin nog redelijk kaal is, goed zien waar de sneeuwklokjes mooi staan. Kies een plekje waar ze lekker kunnen verwilderen. Geef ze meteen na het uitplanten nog een stevige plens water. Je zult zien dat het groene loof zich al heel snel weer opricht. Laat dit loof nu langzaam afsterven. 

maandag 14 oktober 2013

Fruitbomen snoeien

Voordat het water hier met bakken uit de lucht kwam vallen viel er nog redelijk wat te oogsten uit de tuin. Ook in een kleine tuin kun je fruit, groente en bloemen kweken en oogsten. Er zijn laagstam fruitbomen en als deze niet in je tuin passen kun je denken aan leibomen. Deze zijn vaak goed te gebruiken als erfscheiding. Het is wel nodig om fruitbomen -vooral de leibomen- te snoeien. Ook als ze nog niet zo oud zijn.

Bij het snoeien van fruitbomen maak je onderscheid in steenfruit, zoals kers, pruim, abrikoos en pitfruit zoals appel en peer.

Steenfruit is gevoelig voor ziekten als loodglans, deze wordt veroorzaakt door de paarse korstzwam. Voordat de korstzwam actief wordt (bij hoge luchtvochtigheid en 10 ÂșC) is het nodig dat de wonden van de pruimen- of kersenboom al dicht zijn. Deze bomen snoei je dus na de oogst aan het einde van de zomer.



Pitfruit, zoals de appel en de peer, snoei je als het blad gevallen is, bij droog weer en als het niet vriest in december tot maart. Bomen jonger dan 4 jaar snoei je het beste in het vroege voorjaar vanwege het gevaar van vorstschade aan de boom.



Snoei bij fruitbomen nooit meer dan 1/3 van de boom weg, als reactie op de snoei gaat de boom teveel omhoog groeiende loten (waterloten) maken en dat kan de boom uitputten. De takken die horizontaal hangen geven vaak de meeste vruchten, deze laat je hangen en kort je met een derde in. De takken die recht omhoog groeien zijn minder productief, die haal je weg. Ook dode en kruisende takken haal je weg.

Te ingewikkeld, fruitbomen? Misschien is een Makkelijke Moestuin iets voor je. Op onze site, onder deze link,  staat uitgelegd hoe je een Makkelijk Moestuin kunt maken. Een Makkelijke Moestuin is niet alleen lekker, het staat ook heel mooi in de tuin en kan tot laat in het seizoen voor kleur zorgen.

Heb je helemaal geen tuin en wil je toch oogsten? Op veel plekken kun je 'wildplukken'. Bijvoorbeeld vlierbessen of hazelnoten, die kun je aan de rand van de stad of dorp vaak vinden.
Wat ook kan is aanbieden om een dagje te helpen in de tuin van bijvoorbeeld je moeder of je zus, en dan als dank een grote bos zelf geplukte bloemen mee naar huis nemen.



woensdag 9 oktober 2013

Plantenwissel


Herman en Vermeulen gaan regelmatig op bezoek in tuinen, bij klanten, bij tuinliefhebbers en bij elkaar. Het is bijzonder om al die tuinen te bekijken, inspirerend, vrolijk en verrassend. En het levert vaak zaadjes of plantjes op die niet te krijgen zijn bij het tuincentrum. 

Als mensen bij ons komen geef ik ze ook graag iets mee. Voor de Verborgen tuinendagen hadden we zaailingen van Jacobsladder en Akelei in potjes gedaan, door de kinderen te koop aangeboden voor 20 cent. Beide planten zaaien zich eenvoudig uit en worden dus door veel tuinliefhebbers niet gezien als iets bijzonders. Maar dat zijn ze wel! Met hun ouderwetse namen en tijdloze schoonheid doen ze me denken aan zomerwandelingen met mijn opa en oma. In onze tuin zorgen ze voor groen en kleur op plekken waar andere planten het af laten weten. Het zijn geen zeurpieten, ze doen gewoon wat gevraagd wordt, zonder zich aan te stellen. In de zon? Prima, geen zon? Ook goed. Ze groeien en bloeien lekker door. Knip je de bruin geworden Akelei af, dan zie je heel snel weer nieuw groen verschijnen. Braaf verzamel ik altijd alle zaadjes, want ik kan me niet voorstellen dat iemand een akelei zal afslaan. 

Laat ons maar weten of je ook zo graag akelei in je tuin wilt. De eerste tien reacties krijgen een zakje zaadjes toegestuurd.


Ook de Macleaya of pluimpapaver, een echt gevaar volgens veel tuinkenners, is een lekkere doorzetter. Gekregen van de moeder van de buurman zonder waarschuwing. Naderhand verhuisd naar achterin, onder de boom bij de schutting, waar hij de lucht in schiet, om zo de kale schutting weg te werken. Op zijn oude plekje moeten we hem inderdaad nog steeds wegtrekken, maar dat is nauwelijks werk. Vandaar dat ik hem ook wel mee durfde te geven aan tuinliefhebber Eveline, die een mooie schaduwtuin heeft.

Deze zomer kreeg ik een echte Valeriaan uit de tuin van Ankie. En gele papaverzaadjes van Femke, zegekruid van de buren, doorwaskervel van Mona en stokrooszaadjes van mijn moeder. Wandelend door de tuin denk ik toch altijd even aan degene die de planten cadeau deed. De lelietjes-der-dalen die ik bij mijn schoonvader heb uitgegraven, staan meestal in bloei als hij jarig is. Volgende lente zal ik de lelietjes extra koesteren. Hij is net na zijn 80e verjaardag overleden.

            Voor meer informatie kijk op onze site.                              

dinsdag 6 augustus 2013

Budgettip voor de tuin: #gratis zaad

 Je kunt de mooiste planten voor je tuin kopen bij het tuincentrum, bij kwekers of zelfs op internet. Maar als je minder -of zelfs geen- budget te besteden hebt, wil dat niet zeggen dat je helemaal niks aan je tuin kunt doen.

Een alternatieve, budgetvriendelijke manier om je tuin te vullen met planten is zaad verzamelen. Loop eens een klein rondje door de wijk of een volkstuincomplex en kijk in voortuinen en geveltuintjes of je zaaddoosjes of peulen ziet hangen. Even vragen of je wat zaden mag meenemen is natuurlijk het beste en waarschijnlijk is de tuineigenaar vereerd dat je interesse toont in de planten in zijn of haar tuin.


Geliefde planten die op dit moment zaad maken zijn bijvoorbeeld de stokroos (Alcea rosea), kaasjeskruid (Malva) en jacobsladder (Polemonium caeruleum). Ook zie je vast wel ergens de vliesdunne zilverwitte zaaddoosjes van de judaspenning (Lunaria), de zilverlingen. Zaad van lupine kun je het beste oogsten als de zaadboontjes of peulen aan de plant bruin/zwart beginnen te worden. In de peulen zitten de zaadjes.



Sommige zaden zijn koudekiemers. Dat is zaad dat een periode van kou en nattigheid nodig heeft om te ontkiemen. Deze zaden strooi je bijvoorbeeld eind van de zomer of in de herfst in de tuin en pas na de winter zullen er zaailingen verschijnen. Het heeft dus geen zin om deze zaden thuis in een doosje te bewaren om ze vervolgens in het voorjaar te zaaien. Voorbeelden van koudekiemers zijn primula, helleborus, iris, monnikskap, campanula en gentiaan.

Planten die je ook beter in het midden of einde van het seizoen kunt zaaien zijn tweejarige planten. Deze planten maken het eerste jaar bladeren (een rozet), wortels en soms een stengel en pas het tweede jaar komen de bloemen. Vervolgens maakt de plant zaad en sterft af. Bekende tweejarige zijn stokroos (Alcea rosea), vingerhoedskruid (Digitalis) en vergeet-me-nietjes (Myosotis).

Echte zaadkanonnen zijn het slaapmutsje (Eschscholzia californica), de Oost-Indische kers (Tropaeolum majus), ijzerhard (Verbena bonariensis), akelei (Aquilegia) en vingerhoedskruid (Digitalis). Staan die eenmaal in je tuin dan zullen ze je niet snel meer verlaten.

Zijn er nog nadelen aan deze gratis planten? Mensen die hun border op kleur willen houden of mensen die niet van verrassingen in de tuin houden kunnen hier beter niet aan beginnen. Deze zelfzaaiers zijn niet altijd kleurecht (de paarse akelei kan op een andere plek zachtroze terugkomen) en houden zich niet aan een vaste plek in de border. Ze staan net zo lief tussen de tegels van het terras of het pad.

Voor meer inspiratie kijk op onze website  of volg ons op Facebook.