Ontwerp gezamenlijke tuin de Omscholing

Ontwerp gezamenlijke tuin de Omscholing
Ontwerp Tuinatelier Herman & Vermeulen

maandag 15 december 2014

Cornus alba of Witte kornoelje

Witte kornoelje of Cornus alba komt in heel veel tuinen voor en is een groot deel van het jaare en onopvallende heester, misschien zelfs wel een tikje saai. De Cornus bloeit in mei-juni met witte schermvormige tuilen die een beetje lijken op de bloemen van de vlier. Cornus alba heeft een sterke neiging om worteluitlopers te maken, waardoor de witte kornoelje zich uiteindelijk door de hele tuin zal verspreiden. Voor je het weet heb je geen tuin meer, maar een Cornusbos.

De witte Cornus of kornoelje (alba is wit in het Latijn) heeft in de winter, als het blad gevallen is, een kleurige verrassing. De jonge twijgen kleuren vuurrood, felgeel of groen en geven zo weer wat kleur en leven aan een uitgebluste of dorre wintertuin. Alleen jonge twijgen kleuren rood. Door ieder jaar in het voorjaar de oudste en dikste takken bij de grond weg te knippen, blijft de Cornus mooie jongen uitlopers maken.



Anthocyaan

Die opvallende rode kleur komt van de stof anthocyaan. Anthos betekent bloem in het Grieks en cyaan is een blauwgroene kleur. De kleurstof kan in rode, paarse, blauwe bloemen, bladeren en vruchten voorkomen, zoals in rode kool, aubergine, blauwe bessen en druiven. De kleur is afhankelijk van de zuurgraad. Dit kleurverschil is goed te zien als je citroenzuur, azijn of een appeltje aan rode kool toevoegt of als je rode kool kookt in een aluminium pannetje (basisch). De kleurstof wordt gerekend tot de anti-oxidanten, gezonde stoffen die gevaarlijk vrije radicalen beperken.

In de herfst gaan sommige planten speciaal energie steken in de aanmaak van anthocyanen. Het bladgroen chlorofyl wordt afgebroken en met anthocyaan als een soort alternatieve zonnebrand beschermen planten zich tegen het laatst overgebleven zonlicht. De in de herfst knalrood kleurende fluweelboom en wingerd zijn hiervan mooie voorbeelden. Droge en zonnige herfstdagen met koude nachten leveren de felste kleuren op en geven een soort Indian Summer-gevoel.


Volgens een Nieuw-Zeelandse onderzoeker is de aanmaak van de kleurstof anthocyaan  een reactie op stress. De plant maakt zijn eigen anti-oxidant aan om zijn DNA te beschermen. In dit geval krijgt de Cornus misschien stress van het aankomende koude weer?

Ik denk dat we bij stress er goed aan doen het voorbeeld van de Cornus te volgen. Bij stress in de winter stel ik voor om rondom het vuur een heerlijk glas Glühwijn te drinken, vol met gezonde anti-oxidanten. Wedden dat mijn wangen dan net zo vuurrood kleuren als de twijgen van de Cornus?


maandag 8 december 2014

Dahlia's rooien

Dahlia's houden niet van langdurige vorst. Als je de knollen toch in de grond laat zitten is de kans groot dat het jaar daarop alleen snot overblijft. Best zonde. Na een nachtje vorst, meestal tussen sinterklaas en kerst, is de plant boven de grond bruin geworden. Dan kun je de dahlia afknippen en de knol rooien.

Dahliaknollen doen het prima in de volle grond, maar het is best handig om ze in potten te zetten. Lege plekken in de zomerborder vul je makkelijk op door er een emmer met bloeiende dahlia's tussen te zetten. Daarnaast kun je de emmers of potten in december, als ze vrijkomen na het rooien, meteen weer vullen met bollen.







































Je laat nog ongeveer 15 cm van de stengel zitten en haalt de knol uit de grond. Staan ze in de tuin dan kun je ze ook heel voorzichtig met een spitvork opwippen. De aarde die nog aan en tussen de knollen zit, borstel je af met een zachte borstel. Het is best belangrijk om de dahliaknol goed te laten drogen, bijvoorbeeld op een paar oude kranten, anders gaan ze alsnog rotten en schimmelen en dat is zonde van je werk.







































Als ze goed droog zijn berg je ze op in een doos of een kistje. Ze kunnen op zolder, in de bijkeuken, in een droge schuur of de garage. Het is goed om af en toe te kijken of ze niet liggen te schimmelen in een te vochtige ruimte of dat ze uitdrogen doordat ze op de tocht staan.







































In een moeite door vul je de lege potten, kuipen of emmers met voorjaarsbloeiers zoals tulpen of allium (sieruien). Zodra deze rond ijsheiligen weer zijn uitgebloeid kunnen de dahliaknollen weer gepoot worden. Je kunt de dahlia's natuurlijk voorzien van een label met daarop de soort en kleur, maar ik hou wel van een beetje spanning en verrassing. Over de herkomst van de dahlia en het poten lees je hier meer.


zondag 7 december 2014

Wanneer snoeien?

Je hebt mensen die het niet goed durven en je hebt mensen die er geen genoeg van kunnen krijgen; snoeien. De mensen met snoei-angst zijn meestal bang om hun tuin te verknoeien of in het ergste geval hun planten te vermoorden. De mensen met knipdrang hebben misschien weer andere (onbewuste) drijfveren. Het is wat ver gezocht, maar wie weet, komt de drang tot snoeien en knippen voort uit het willen bezweren en controleren van de onvoorspelbaarheid en onbeheersbaarheid van de natuurkrachten.

In feite heeft de natuur geen snoei nodig om te groeien, te bloeien, vrucht te dragen en om af te sterven. Snoeien is onderdeel van het cultiveren van de natuur, het tuinieren. We grijpen in een natuurlijk proces in en hopen daarmee dit proces positief te beïnvloeden. Dat het daarbij niet alleen gaat om een hogere opbrengst van fruit of bloemen blijkt uit de behoefte van sommige tuinierders om de buxus in een omhooglopende spiraal te knippen.

Een goede reden om in een tuin van bescheiden afmeting te snoeien is dat we soms de verkeerde plant op de verkeerde plek hebben staan. Je hebt bijvoorbeeld een groenblijvende laurierkers (Prunus lauroceracus) voor het raam gezet om de inkijk van de overburen te verminderen. De groeikracht van deze struik is enorm en voor je het weet heb je niet alleen geen inkijk, maar ook geen licht meer in je huis. Dan is het tijd om in te grijpen. 

Kun je verkeerd snoeien en kan, in het ergste geval, je plant daar dood aan gaan? Ja, dat kan. Meestal stimuleer je met knippen en zagen de groei van planten. Soms groeit de plant daarna zo hard dat het wortelgestel van bijvoorbeeld een oude fruitboom dit niet aankan en afsterft. Snoei daarom bij (fruit)bomen nooit meer dan 1/3 van de kruin. 

Door te knippen en zagen aan takken maak je een wond. Deze snoeiwonden zijn gevoelig voor bacteriën, parasieten en schimmels. Zo is bijvoorbeeld de pruimenboom gevoelig voor loodglans. Door in de zomer te snoeien geneest de wond sneller en is de kans op infectie kleiner. Ook lavendel kun je doodmaken door te ver terugsnoeien, het oude hout van lavendel loopt zelden nog uit.


Een aantal heesters en bomen zijn gevoelig voor 'bloeden' zoals de esdoorn (Acer), haagbeuk (Carpinus), walnoot (Juglans), druif (Vitis) en berk (Betula). Als de worteldruk heel hoog is en je knipt een tak af, zal het water met voedingsstoffen uit de wond druppelen. Die opwaartse sapstroom komt vanaf 21 december heel langzaam op gang. De snoei van de houten delen van bijvoorbeeld een druif of druivelaar snoei je dan ook bij voorkeur voor de kerst. Als het niet vriest kun je van de hoofdtakken (gesteltakken of leggers) de zijscheuten inkorten. Laat van de zijscheuten 3 of 4 ogen over. Een oog is verdikking op de tak waar de plant opnieuw gaat uitlopen.